ROEMEND IN HET KRUIS - HET OUDE RUWE KRUIS

 

0618

 

  1. Op die heuvel daar ginds stond een ruw houten kruis,
    Het symbool van vervloeking en schuld.
    Maar dat kruis werd de mens tot het kostbaarst kleinood,
    Daar Gods wet aan dat hout werd vervuld.

    ´k Klem mij daarom aan Golgotha´s kruis.
    Tot de Heer komt en met Hem het loon;
    Als die grote dag aanbreekt en Hij ons dat kruis
    Dan verwisselt voor d´eeuwigheidskroon.

  2. O, dat ruw houten kruis, door de wereld gesmaad,
    Heeft een wond´re bekoring en macht;
    Want Gods Zoon liet Zijn troon, Hij droeg smaadheid en hoon,
    Om de vreugd´ die dat kruis voor ons bracht.

  3. Van dat ruw houten kruis met het bloed van Gods Zoon
    Straalt een licht dat door niets wordt gedoofd;
    Vol van schoonheid en pracht, vol van reddende kracht
    Voor een ieg´lijk die in Hem gelooft.

  4. Help mij Heer! Aan dat kruis trouw te zijn tot de dood,
    Ook als hier smaad en spot is mijn loon;
    Want dat kruis droeg mijn straf, nam de schuld van mij af;
    ´t Werd de toegang voor mij tot Gods troon.

Zoek op:

Eerste Regel of Onderwerp


Terug naar Bijlage